‘n Knipoog: De Baan van Uijlenbroek

12 0

De kogel is door de kerk, de Godfather van de Belastingdienst Don Uijlenbroek maakt plaats voor drie andere Godfathers, die la familia weer op orde moet brengen. Zijn dochters Toeslagen en Duane gaan onder andere scheiden en hij moet plaatsmaken. Maar gelukkig is daar Baasje Rutte, die de Godfather uit de penarie komt redden.

Bij de Belastingdienst

(Don) Uijlenbroek: ‘Ik snap niet dat je de boel nou gaat ophakken. Het ging toch goed zo? (Baasje) Dit moet je niet op mij afreageren, Rut’.

Rutte: ‘Ja maar Uil, we moeten het vertrouwen terugwinnen. De menselijke maat en zo’.

Uijlenbroek: ‘Met de menselijke maat komt betalen altijd te laat. Je moet van de geijkte paden afwijken om succes te bereiken. Kom op Rut, heb je nou helemaal niets geleerd de afgelopen jaren?’

Rutte: ‘De tijden zijn verandert, Uil’.

Uijlenbroek: ‘Nee, jullie laten de tijden veranderen meneer Rutte! Vroeger konden we gemakkelijk van alles doen wat ons goeddunkte, nu moet ik me zelfs letterlijk over m’n kleur ondergoed verantwoorden!’

Rutte: ‘No worries Uil, ik voer slechts een showtje voor de bühne op want ik vind dat je al die fouten voortreffelijk heb laten maken. Dat mag je nu als gemeentesecretaris voor de gemeente Den Haag doen’. 

Uijlenbroek: ‘Ja ja, leuk en aardig allemaal, maar Johan heeft een hekel aan me…’

Rutte: ‘Ik hoefde maar te dreigen die foto van hem met Joris openbaar te maken’.

Uijlenbroek: ‘Keurig Ruttemans. Zo ken ik je weer.’

En ondertussen in Den Haag…

En ondertussen in Den Haag

(Burgemeester) Remkes: ‘Ik zou dit zo graag tegenhouden, maar als die foto met Joris uitlekt ben ik m’n gezin kwijt’.

(Raadslid) De Mos: ‘Dan lekt die foto maar uit en verkoop ik ‘m aan die van De Boer uit Limburg. We zullen het geld hard nodig hebben om hem z’n salaris boven de balkenendenorm te betalen’.

Remkes: ‘Nee! Waar haal je het idee vandaan?’

De Mos: ‘Ja, dus! Man, waar haal jij het idee om die mafkees in onze mooie stad z’n ding te laten doen?’

Remkes: ‘Wat moet ik dan, De Mos: bij Baantjesroulette was ik nu eenmaal aan de beurt!’

De Mos zucht en denkt bij zichzelf: ‘kunnen we ze niet allebei in het vreugdevuur stoppen?’