Er was eens een prachtig bedrijf in Nederland dat dag in, dag uit mensen blij maakte met brieven, pakjes en zo meer. Het werk werd gedaan door echte vaklui, die hun pappenheimers goed kende en soms zelfs wist wat er achter de voordeur plaats had. Zelden ging het mis met tante post, tot er eind jaren ‘90 een liberale wind ging waaien. Het ooit zo koninklijke PTT Post moest winst maken, de postbodes maakten plaats voor flexkrachten en de kwaliteit holt achteruit.

Postbode

November 2004 tot april 2007. Elke zaterdag – en soms doordeweeks – bezorgde ik op de meest vreemde plekken talloze brieven, tijdschriften en pakjes. Ik was een zaterdagpostbode oude stijl. Ja, het was de tijd dat je een vaste wijk had die je zelf voorbereidde. Ik wist wie wie was, waar er veel pakjes kwamen én waar de incassobrieven moesten belanden. Ongetwijfeld maakte ik weleens een fout, maar wist die altijd te herstellen. Gewoon even aanbellen, zo gepiept.

“Het waren prachtige tijden, daar bij de PTT, inmiddels TPG. Regelmatig voelde ik me dan ook die postbode uit die kinderserie: Pieter Post.

Het was ook een tijd dat je trots kon zijn dat je postbode was. Voor toenmalige fulltime collega’s was het een volledige baan met een volwaardig salaris. Al je werk deed je zelf; je sorteerde zelf je post én bracht die dus weg. Van Sammy V hadden ze nog niet gehoord, je deed het werk zoals het voor jou het beste werkte. Met tussendoor nog een lekkere tosti of een uitsmijter uit de kantine, tegen gunstige tarieven gemaakt door eigen kantinedames.

Het waren prachtige tijden, daar bij de PTT, inmiddels TPG. Regelmatig voelde ik me dan ook die postbode uit die kinderserie: Pieter Post.

Reorganisaties

Inmiddels zijn we jaren verder en is de post verder uitgeknepen. De postmarkt stortte in, tante Pos – sinds 2007 omgevormd tot TNT Post – zag zich genoodzaakt stevig in te grijpen. Drastische reorganisaties kwamen en gingen, de vaste postbode verdween langzaam uit het straatbeeld. Flexibele postbezorgers kwamen ervoor in de plaats, evenals de pakketbezorger, die veelal onderaannemer is/was. De bezorger sorteerde niet zelf zijn wijk, dat werd op centrale locaties gedaan. Hetgeen de kwaliteit alleen maar deed dalen, zo ondervond ik meerdere malen.

Meer fout dan goed

Veel grote bedrijven en overheidsinstanties werken nog altijd met tante pos, tegenwoordig PostNL. En wij zijn van ze afhankelijk als we een pakket of aangetekende brief moeten versturen. Tot twee keer toe heb ik getracht een aangetekend schrijven gestuurd, die beide keren niet of met vertraging is aangekomen. Een klacht indienen lijkt weinig zin te hebben; er wordt gezegd dat het wordt genoteerd en besproken met de bezorger, maar je hoort of merkt er nooit wat van. Of een bepaalde zorgverzekeraar die op regelmatige basis een rekening stuurt, per post. Zowel de factuur als de herinnering kwamen niet binnen, slechts de brief met een forse verhoging (die er door diezelfde zorgverzekeraar uit coulance is afgehaald, mag ook vermeld worden) kwam binnen. Zoals al gemeld, zijn de meerkosten geschrapt, maar niet dankzij PostNL. 

Het is slechts een topje van ‘mijn’ ijsberg, als je bedenkt dat zelfs de buren regelmatig met stukken voor mij komen binnenwandelen. Navraag in m’n buurt leert inmiddels dat ik niet de enige ben die geregeld zich afvraagt ‘waar ze nu weer mee bezig zijn’. Het idee bestaat zelfs dat het ‘bij de flats eerder fout dan goed gaat’. 

Consumentenprogramma’s

PostNL is inmiddels een regelmatig geziene tafelgast bij programma’s als BNNVARA’s Kassa en Avrotros Radar, alwaar een woordvoerder of operationeel directeur vervolgens een standaard pr-praatje met percentages en andere cijfers tentoonspreidt. Natuurlijk klaagt er dan ook een legertje klanten, maar meer dan gespeelde empathie – en vervolgens weer gemep met cijfertjes – komt er niet uit de tegenpartij. 

Uitzending BNNVARA’s Kassa over PostNL
(C) BNNVARA

Overigens blijken de neuzen bij PostNL zelf ook niet echt dezelfde kant op te staan, want de pakketbezorgers geven doodleuk toe ‘dat ze weleens een pakketje ergens dumpen om maar betaald te krijgen’, bleek uit een uitzending van eerstgenoemde consumentenprogramma.

Terwijl het ook anders kan…

Dat het niet overal kommer en kwel hoeft te zijn, bewijzen de concurrerende spelers als Business Post en postbezorger Sandd. Met regelmaat zie ik een bezorger van beide partijen door de straten van m’n wijk fietsen, en daar gaat zelden wat mis. Die bezorger lijkt wel een beetje op de postbode van vroeger. Velen hebben een vaste wijk, de bewoners weten in veel gevallen zelfs wie het zijn. Zo maakte onze Sandd-bezorger regelmatig een babbeltje met de bewoners, ze zagen hem graag komen. Ga maar na, deze bezorgers mogen hun post nog zelf sorteren én verspreiden. Het kan dus nog wel.

“In alle jaren dat ik met klanten te maken heb gehad is er één rode draad geweest: take care your customers, because there is maby a moment you’ll need them.”

Kloppende titel

Je zou je bijna afvragen of PostNL die grote klanten – en kleine klanten die bijvoorbeeld aangetekende post versturen – nog wel verdiend. In alle jaren dat ik met klanten te maken heb gehad is er één rode draad geweest: ‘take care your customers, because there is maby a moment you’ll need them’. De aanpak van PostNL spreekt boekdelen in de ergste zin des woords. De titel van dit stuk klopt dan ook wel: van Koninklijke Trots tot Koninklijke Schande.